woensdag 23 februari 2011

Erwtensoep

Recepten voor erwtensoep zijn overal te vinden maar vooruit ik plaats er toch één:


Wat heb je nodig voor 4 eters:
500 gr spliterwten
2 grote stronken prei (ongeveer 400 gr), gesneden
1/2 knolselderij, in blokjes
2 winterwortelen, in blokjes
1 ui, gesnipperd
2 tenen knoflook, fijngesneden
peper, zout, laurierblaadje
3 rundvleesbouillontabletten
200 gr magere (biologische) spekreepjes
1 (biologische) rookworst
1,5 liter water

Doe de spliterwten in een zeef en spoel ze goed onder stromend water.
Bak in een grote pan de spekreepjes uit op laag vuur en haal ze uit de pan. De gesnipperde ui en knoflook in de pan doen en bak dit in het spekvet. Als de ui glazig ziet, doe je de stukjes wortel en knolselderij er bij en bak dit even. Voeg dan de spliterwten toe samen met het water en de bouillontabletten en een laurierblaadje en breng het aan de kook brengen. Lekker laten pruttelen totdat de groenten zacht zijn en de spliterwten uit elkaar zijn gevallen. Het wordt zo als vanzelf een dikke soep. Je kunt eventueel de staafmixer er op zetten (wel even het laurierblaadje eruit halen) als je de soep wat fijner wilt hebben.
Vervolgens voeg je de gesneden prei toe en de spekreepjes toe en laat je het nog even pruttelen. Afproeven, wat peper en zout erbij en bijna klaar! Ondertussen heb je - georganiseerd als je bent - in een andere pan al de rookworst klaargemaakt (20 minuten in heet maar niet-kokend water). Die snijd je in kleine stukjes en gooi je in de soep. Eten maar!

Het restant kun je (eerst goed afkoelen) portioneren en invriezen.
Het recept is bedoeld voor 4 eters, maar is afhankelijk van of je er nog iets bij eet. Op dinsdag is het bij ons Soepdag en dan eten we soep met een tosti. De ingrediënten van de erwtensoep kostten € 7 (januari 2011) en van bovenstaande hoeveelheid aten wij (2 eters) 5 keer met een stukje stokbrood erbij. Dat komt op 0,70 cent per persoon per keer. Over goedkoop gesproken! Als je er geen brood bij eet, is de soep natuurlijk sneller op. Erwtensoep is het lekkerst als het een dag heeft kunnen staan, dus de ene dag maken en de volgende dag eten.